Feeds:
Berichten
Reacties

Archive for november, 2007

Geweizwammetjes. Veel, zeer veel foto’s heb ik er al aan gehangen. Maar nog altijd geen waar ik écht tevreden van ben. Gelukkig groeien ze momenteel en masse op mijn zwammenkweek, een stapel essenbalkjes die voor mini-natuurreservaatje oefenen. Dus dit weekend kan ik weer een poging wagen, als het weer eventjes meezit.

geweizwammetjes

Advertenties

Read Full Post »

druppels

veer

Regendruppels op een houtduivenveer. Met voorwaar een streepje zonlicht.

Read Full Post »

reclame!

donkere ooievaarsbekDinsdag in mijn bus gevallen en woensdagnamiddag al geplant : Napolitaanse look (Allium neapolitanum) en een kluit Donkere ooievaarsbek (Geranium phaeum – var. Klepper). Geheel en al onbaatzuchtig opgestuurd door Yo van duizenblad.be en duizendblad.blog, waarvoor langs deze weg heel erg bedankt. Ga vooral eens langs, want zowel haar schrijfsels als de foto’s die er bij staan zijn een bezoekje waard.

De Donkere ooievaarsbek heb ik aan de rand van de gemengde haag geplaatst, waar hij plaats en licht (geen volle zon)  genoeg krijgt en niet overgroeid raakt door overenthousiaste grasjes. Ik hoop op weelderige groei en onstuimige verspreiding, want het is een mooi bloeiende plant die als stinzenplant ook wel thuishoort in de Vlaame Ardennen. Oorspronkelijk is de soort afkomstig uit het zuideuropees gebergte, maar ze wordt ook al eeuwenlang als sierplant (rouwsymbool?) gekweekt en is op veel plaatsen verwilderd en ingeburgerd. In Vlaanderen is ze vooral in de Vlaamse Ardennen veel terug te vinden. De foto hierboven heb ik zo’n twee jaar geleden ergens in Volkegem (bij Oudenaarde) gemaakt: rap rap, en dat is er ook wel aan te zien. Hopelijk krijg ik volgend jaar kans op revanche in mijn eigen tuin.

De Napolitaanse lookbolletjes heb ik op drie plaatsen geplant, telkens zoals door Yo aangeraden op een stenige, goed afwaterende plaats (al is het momenteel zo goed als overal in de tuin op zijn zachtst ‘zompig’ te noemen). Benieuwd of we volgend voorjaar de kopjes zien opduiken. Zoals de naam al laat vermoeden is het, net als de Donkere ooievaarsbek ook een plantje met wortels in het zuiden. Maar voor de rest vind ik er weinig informatie over. Zo weet ik nog niet of het eetbaar is bijvoorbeeld, want ik ben nogal een look-liefhebber in de keuken. Maar ik beloof niet in uw richting uit te ademen, dus u hoeft deze pagina’s vooralsnog niet te mijden.

Read Full Post »

graantje meepikken

De vogelkes voederen op de voederplank, het behoort tot de categorie ‘niets dat beter is voor het zelfbeeld’.Of zoals Blur het formuleerde:

I feed the pigeons, I sometimes feed the sparrows too.
It gives me a sense of enormous well-being. (parklife!)

Jammer genoeg slaat jan modaal in de lente, vanzodra de voederplank weer netjes op zolder ligt, driftig aan het spuiten met een arsenaal aan chemische bestrijdingsmiddelen tot er geen rups meer overschiet voor de jonkies van al die mezen die ze zonet de winter doorgeholpen hebben. Maar dit geheel ter zijde.

Want ik beken, ik voeder ook graag de vogeltjes. Vetbollen, pinda’s in snoer dan wel netje, okkernoten en muffe appels. Ja, zelfs een geheel zelf bereid graanmengsel wordt kwistig op het zelf vervaardigd voederplankje gestrooid. Instant-beloning: ik ben nog niet half terug in de living of de eerste kool- pimpel- en staartmezen struikelen over elkaar heen om de merels, roodborstjes en ringmussen te vlug af te zijn. Goed voor het ego, die dingen.

 

ringmus

Van al het gevogelte dat zich aan de catering komt tegoed doen zijn de Ringmussen met stip mijn favoriet. Want het zijn schoontjes, sociaal, ze zijn niet meer zo algemeen, ze eten bescheiden in alle rust hun potje leeg, hangen occasioneel voor de show al eens aan een vetbol, én ze blijven na de winter dikwijls plakken om nestjes te bouwen. Heel wat anders dan die driftige koolmezen die de helft van hun tijd verdoen met iedereen weg te jagen, de helft van de pindanoten op de grond versnipperen en over het algemeen gewoon iedere andere welgemanierde vogel op zijn systeem komen werken. Maar die zorgen dan wel voor leven in de brouwerij.En dan is’t ook al lang goed natuurlijk. (Parklife!)

Read Full Post »

koud he

’t Vriezeweer is alweer (voor even?) verleden tijd, maar dit weekend was het wél koud.
Met zo’n weer zijn er weinig of geen dieren op pad (behalve de vogeltjes rond de voedertafel dan). Derhalve maar een paar plantaardige dinges op foto gezet: een paar rozenbotteltjes (Hondsroos of Eglantier) en een blaadje van de Hazelaar.

rozenbottel

blad

Read Full Post »

verdronken vlinder

Leren ze die beesten dan niet dat timing belangrijk is? Welke vlinder haalt het bij dit hondeweer in zijn kopje om een eindje te gaan vliegen. November. 3 graden celcius. Ijswater dat met bakken uit de lucht valt. En dan zo zielig tegen het keukenraam komen plakken, in de plaats van als de weerlicht een droge stek te zoeken tussen de houtstapels, een boomholte of wherever . Quelle idée!

nachtvlindertje in november

Read Full Post »

‘On the Origin of Species by Means of Natural Selection, or the Preservation of Favoured Races in the Struggle for Life.’ Zo luidt de volledige titel van Darwin’s befaamde boek.

Kort door de bocht komt het hier op neer: van een groep levende wezens worden er, telkens als het er om gaat spannen, de slechtst aangepaste uitgekieperd. De mussen die iets trager opvliegen dan de rest worden gepakt door de katten. De bloemen die nét een tikkeltje te fel gekleurd zijn worden niet door bijen herkend, bijgevolg niet bestoven. Het jachtluipaard die een fractie te laat aanvalt verhongert. De rest, die het overleeft, zorgt in de daaropvolgende generatie dat de vrijgekomen plaatsen ingenomen worden door nieuwe, beter aangepaste, individuen. Een constante struggle for life.

Theorie is één ding, maar als het principe blind toeslaat in de eigen achtertuin is het toch even schrikken. De natte winteropstoot van de voorbije week heeft Sjosj het leven gekost. Sjosj is (was) de generale repetitie van een Vlaanderse koekoek: de juiste kleuren en het juiste model, maar een beetje kleiner en schrieler dan de rest, met een defect oogje en bovenal een sociaal buitenbeentje dat altijd in z’n eentje zat te scharrelen en ook nét buiten de kippenren ging maffen. De minst aangepaste dus aan het modale kippenleven? Misschien, maar zijn kleine gestalte leverde hem ook voordelen op. Zo kon hij als enige onder het tuinhek door glippen, waardoor hij de hele tuin met hooiweide, composthoop en wilde hoekjes voor zich alleen had. Als dank kwam hij telkens zijn kakjes op de klinkerverharding deponeren. Als wilde hij zeggen: ‘k heb goed gegeten, danku.
Maar nu is Sjosj dood. Bleek hij het toch niet zo goed te stellen, want uiteindelijk niet meer dan vel over been. Bleek hij niet tot de ‘Favoured Races in the Struggle for Life’ te behoren, maar tot diegene die de ‘Natural Selection’ aan hun frak hebben.

Neen, ik had het niet zien aankomen: hij pikte duchtig graantjes mee, de kakjes kwamen met grote regelmaat.
Ja, hij sliep buiten, maar dat doen onze kalkoenen, parelhoenen en een stuk of vijf kippen ook. Zelfs nu, bij regen en kou. Ze hebben nochtans twee hokken, twee afdakjes en hópen struiken ter beschikking. Maar nee hoor: gezellig onder de blote hemel in de striemende regen. Ze overleven dat blijkbaar. Alleen Sjosj niet.

Maar wat nu met de rest van de buitenslapers: zullen die ook binnen de korste keren weggeselecteerd worden? Of moet ik mij daar allemaal niks van aantrekken? Iemand een tip om ze in één van de hokken of onder één van de afdakjes te doen slapen?

Read Full Post »

Older Posts »